|
Gebruikte
delen en plaats van herkomst
Echinacea
is een wilde plant die m.n. in Noord Amerika voorkomt. Heden ten dage
wordt echter het merendeel van de planten die gebruikt worden voor medicinale
toepassingen gekweekt. De wortel of het bovengrondse deel, gedurende de
bloei, wordt voor kruidenmiddelen gebruikt.
De plant
wordt
ook wel Purperen zonnehoed of Rode zonnebloem genoemd.
Te
gebruiken bij
Historisch
of traditioneel gebruik
Echinacea werd door de Indianen gebruikt voor een veelheid aan klachten,
met inbegrip van beten van gifslangen en andere wondjes. In 1887 werd
het binnen de Amerikaanse geneeskunde geintroduceerd en gebruikt voor
o.a. verkoudheid en syfilis. Modern onderzoek begon in 1930 in Duitsland.
Actieve
delen
Echinacea
versterkt het immuunsysteem. Diverse bestanddelen in Echinacea werken
samen voor de activiteit en productie van witte bloedcellen, lymphocyten.
en macrophagen. Echinacea stimuleert ook de productie van interferon,
een belangrijk onderdeel van de lichaamsverdediging tegen virale infecties
als griep en verkoudheid.
Dagdosering
Omdat
het een stimulant van het immuunsysteem is, dient Echinacea voor een bepaalde
tijd geslikt te worden. Wanneer een verkoudheid zich openbaart, kan het
3 tot 4 keer per dag genomen worden voor ca. 14 dagen. Ter preventie van verkoudheid
nemen veel mensen drie capsules in gedurende 6 tot 8 weken. Daarna is een
rustperiode aanbevolen aangezien de werking anders afneemt.
Bijwerkingen
en interacties
Echinacea is indien oraal ingenomen niet giftig. Alleen bij
auto-immuunziekten dienen mensen geen Echinacea te nemen zonder hun arts te consulteren
(bijv.
bij multiple sclerose of tuberculose). Personen met een allergie voor
madeliefjes dienen ook voorzichtig te zijn met Echinacea. Het kan "voor
zover bekend" veilig tijdens de zwangerschap worden genomen.
|