Kruidenalfabet

KRUIDEN EN GENEESKUNDIGE KRACHTEN
 

Moerasspirea (Filipendula ulmaria)

Gebruikte delen en herkomst

De moerasspirea is een vaste plant met een hoogte tussen de 60 en 120 cm met crèmewitte bloemen. De bladeren zijn groot, van boven donkergroen en van onderen vaak witviltig, samengesteld met 5-17 blaadjes van ongelijke grootte, gezaagd. Het topblaadje is handvormige gespleten, met gezaagde steunblaadjes aan de voet. Ze zijn klein en staan in onregelmatig gevormde bijschermen. De plant heeft een knopig verdikte vlezige wortelstok. De bloeiende toppen worden gebruikt maar soms ook alleen de bloemen, welke ook in gerechten gebruikt wordt vanwege zijn lichte amandelsmaak. De bloeiende toppen worden vanaf juni in volle bloei geoogst en moeten snel worden gedroogd. De plant is familie van de roos.

 

Te gebruiken bij

  • reuma ***

  • galblaasinsufficiëntie

  • vetzucht

  • oedeem

  • cellulitis

  • vaatvernauwing

  • onzuiver bloed

  • wonden

  • gerichtspijnen

Actieve bestanddelen:

0,2% Etherische olie, Looistoffen, Flavonglycosiden, Slijmstoffen en Salicylzuur.

Geschiedenis en volksverhalen 

Moerasspirea heeft door de eeuwen heen vele toepassingen gekend. Zo werd het in de 16e eeuw, ten tijde van Elizabeth I over graven uitgestrooid. Ook strooide men de bloemen en bladeren, die naar amandel geuren, uit over de vloeren om woonvertrekken te verfrissen. Moerasspirea stond al vroeg bekend om zijn heilzame eigenschappen. De plant heeft ondermeer een positief effect voor soepele gewrichten. In de wicca wordt het vooral gebruikt voor liefdesrituelen en in liefdeswierook. 

Dagdosering

Inwendig: 5-10 gr. met 1 kopje kokend water overgieten,  2 à 3 kopjes per dag. 

Bijwerkingen en interacties

Overdosering kan tot overgeven of maagklachten leiden.

 

NAVIGATIE