Kruidenalfabet

KRUIDEN EN GENEESKUNDIGE KRACHTEN
 

Lepelblad (Cochlearia armoracia)

Gebruikte delen en plaats van herkomst

Lepelblad komt oorspronkelijk uit Oost-Europa, maar wordt heden ten dage wereldwijd gekweekt. De wortel wordt als therapeuticum gebruikt.

 

Te gebruiken bij

  • bronchitis

  • chronische longziekten 

  • verkoudheid/keelpijn

  • indigestie en zuurbranden

  • verstopte neus

 

Historisch of traditioneel gebruik

Lepelblad, ook bekend door zijn indringende smaak, wordt al eeuwenlang als geneesmiddel en voedsel gebruikt in Europa.

Lepelblad wordt zowel intern als extern gebruikt, indien men het op de huid aanbrengt veroorzaakt het roodheid en verlicht het reumatische pijnen en geïrriteerde zenuwen. Intern werd het voornamelijk gebruikt voor nierproblemen of oedeem. Het zou verder de eetlust stimuleren, gebruikt worden tegen wormen, hoest en keelpijn.

 

Actieve delen

Lepelblad bevat veel bestanddelen die ook in mosterd voorkomen, een plant uit dezelfde familie. Daaronder zitten vluchtige oliën, isothiocyanaten en glycosiden. Lepelblad heeft antibiotische eigenschappen, een reden waarom het bij infecties van de bovenste luchtwegen goed helpt. De glycosiden zijn verantwoordelijk voor het rood worden van de huid, doordat het de bloedtoevoer in die regio verbetert, indien het topicaal wordt toegepast.

 

 

Dagdosering

De verse wortel kan worden gegeten, met ca. 2 tot 3 gram driemaal daags. Tinctuur is ook verkrijgbaar, gebruik dan 2 tot 3 ml driemaal per dag.

 

Bijwerkingen en interacties

Zeer hoge doseringen kunnen braken en excessief zweten veroorzaken. Direct toepassen op de huid geeft soms irritatie en een brandend gevoel. Patiënten met hyperthyriodie dienen geen lepelblad te gebruiken.

 

NAVIGATIE