Op een eiland in
de Schelde, dicht bij de monding, nabij de zee, hadden die van de oude stad
Tongeren een kasteel gebouwd.
Nu gebeurde het, duizend jaren voor Christus, dat de reus Druon Antigoon die
burcht veroverde. De reus met zijn grootevoeten en harde knoken verpletterde
de burgzaten. Degene die hij niet vermorzelde joeg hij her en derwaarts heen
en bulderend nam hij het bezit van de sterkte op het eiland.
Nu begon er een vreselijke tijd voor de schippers die de Schelde op en afvoeren.
Konden ze vroeger volstaan met het voldoen van een matige tol aan die van Tongeren,
nu was dat anders geworden. De reus Druen Antigoon eiste meer en meer van de
schippers. Hij was niet tevreden met een tiende, nee hij eiste de helft op van
alles wat er voorbij zijn kasteel voer.
En wee de schipper die hieraan niet voldeed. Wee degenen die bij nacht en ontij
voorbij de burcht trachtte te slippen om zoodoende de tol aan de reus Druon
Antigoon te ontgaan.
Het verging dien schipper slecht. De reus was steeds op zijn post. Niets ontging
hem. De weigerachtige schipper moest de helft van zijn vracht afstaan of zijn
rechterhand ging er af.
De reus was niet te vermurwen. Geen tol, dan de rechterhand.

Met een houw van zijn reusachtige zwaard hieuw hij de hand bij de pols af en
wierp die dan in de Schelde.
Ja het was een verschrikkelijke tijd voor de schippers die de Schelde bevoeren
in de dagen toen de reus Druon Antigoon nog op zijn veroverde kasteel op het
eilandje woonde en handen afkapte en in de Schelde wierp.
Maar er kwam een eind aan de geweldnarijen van de reus.
Natuurlijk, aan alle dingen komt een eind, dus ook aan de gewelddaden van de
reus Druon Antigoon.
Ook werd hij voorbeeldig gestraft.
Zeker want Salvus Brabo maakte zich op om hem te verslaan.
Salvus Brabo? Wie was dat?
Wel, dat was de koning van Tongeren, en niet alleen dat, maar hij was ook familie
van Julius Cesar.
Het is dus te begrijpen dat die Salvus Brabo wat mans was. Hij trok er dan op
zekeren dag op uit en versloeg den reus. Toen hij hem goed en wel verslagen
had kapte hij hem voor straf zijn rechterhand af. En gooide die in de Schelde.
Precies zoals de reus met zoo menig weerloos schipper gedaan had, zoo deed Salvus
Brabo met hem.
De reus kreeg dus zijn verdiende loon.
Hoe het nu verder met Druon Antigoon gegaan is weet niemand met zekerheid te
zeggen. Maar op de burcht zetelde hij niet meer en de schippers werden niet
meer beroofd van hun halve vracht en bovendien werd hun rechterhand gespaard.
Brabo kreeg natuurlijk zijn beloning. Brabo werd bevorderd tot hertog van Brabant.
Julius Cesar wist zijn dappere daad te waarderen.
Maar van die reus heeft niemand ooit meer iets gezien sedert die tijd.
Alleen in de herinnering bleef hij voortleven. Zoo sterk zelfs, dat door zijn
handenwerpen de naam Antwerpen ontstond. Het ligt voor de hand nietwaar? Handen-werpen,
Antwerpen.
Er zijn geleerden die een heel andere naamsafleiding voorstaan maar de legende
zegt dat het zoo gegaan is.
In ieder geval moet de reus wel bestaan hebben want nog ieder jaar wordt zijn
kartonnen beeltenis rondgedragen en is er de Reuzen-fontein te Antwerpen. De
prachtige fontein met de beeltenis van de held Brabo stelt de held voor waar
de held de afgekapte hand van de reus omhoog houdt, zodat ieder hem kan zien.
In het wapen wan Antwerpen komt de burcht van de reus voor met de twee afgekapte
handen.
Wanneer er nooit iets geweest was met die reus zouden die dingen er zeker niet
van spreken.
Ten slot is er ook nog het reuzenlied, dat alle menschen in vlaanderen zingen.
Wanneer Druon Antigoon en ook andere reuzen er niet geweest waren in lang vervlogen
dagen zou men er niet van zingen.
Al wie daar zegt
de reus die komt
de reus die komt
zij liegen er om
Keere weerom, reuske, reuske,
Keere weerom
Reuzegom."
Ik krijg er niet genoeg van en wil meer lezen