Het gebeurde in het jaar 1354. Twee dieven braken in in de Augustijnenkerk en
namen alle kostbaarheden mee, Onder meer een ciborie met geconsacreerde hosties.
Toen ze al een eind buiten de stad waren gekomen, begroeven ze de hosties in
een weide. Zodoende, dachten de booswichten, zou hun schandelijke daad nooit
het daglicht zien.
Maar toen begon het geweten van een van de twee te knagen. Hij vreesde de wrakeGods
en keerde terug naar de plek waar de hosties waren begraven.
En wat zag hij? Dat de hosties helemaal met bloed waren bedekt.
Op dat moment stuurde een schaapherder zijn schapen de weide op en zie, er gebeurde
een groot wonder. De schapen bleven als door de blksem getroffen staan, Daarna
gingen ze in een kring rondom de bloedende hosties staan en knielden neer om
eer te bewijzen aan het Sacrament.